Site Map Contact Us Home

Hoe leeft Krek?

Sinds 2001 woont Gregor Hakkenberg met vrouw en twee kinderen in de Bourgogne, en werkt hier vanuit als freelance copywriter in nederland en het nederlands.
Lees hier over het wel en wee van de Hakkenbergjes in de Bresse
Eerder verschenen in Hoe leeft Krek?

De Voorbereiding

Inmiddels beginnen de zenuwen wel een beetje te kriebelen. Wat komt daar nog veel bij kijken, zo'n verhuizing! Nieuwe spullen kopen. Toestemming vragen van de bank om het oude huis voorlopig te verhuren. Eerste levensbehoeften - zoals bedden - naar Frankrijk rijden. Informatie inwinnen over scholen en kinderdagverblijven, telefoon- en internetaansluitingen. Water en elektriciteit, hoe zit het daar eigenlijk mee? We maken zelfs lijstjes met nog te maken lijstjes en toch blijft het gevoel dat alles nog gemakkelijk in het honderd kan lopen.

En al die mensen die niet terug mailen! Ik koop een mooie ToUcam (webcam) van Philips, om vast een beetje te installeren en te oefenen zodat ik straks letterlijk in the picture zal blijven bij mijn Nederlandse klanten. Blijkt dat ding niet compatible met de geluidsextentie van de i-Mac. Crash na crash na crash. De helpdesk van Philips weet nergens van. Sterker, de meneer die ik spreek heeft de camera zelf nog niet gezien. Vraagt aan mij waar of die te koop is en voor hoeveel!? Zegtie: "FL 229,- maar? Goh, dan ga ik 'm snel kopen."

Kortom, bij Philips zijn Mac-gebruikers proefkonijnen, die zelf maar moeten uitzoeken waar de bugs in de nieuwe programmatuur zitten. Op mijn mailtje naar de Philips helpdesk heb ik na een week nog geen antwoord gehad. En ook de telefonisch beloofde folder van een Goois huizenverhuurbedrijf kan ik wel op mijn buik schrijven. Het gaat te goed, kennelijk.

Maar goed, af en toe kijk ik even naar de foto van het huis. Dat helpt. En de Nederlandse makelaar ter plekke vertelt me zojuist dat het lekker zonnig is, daar. Droog en fris, echt weer voor een fleece-trui.

Zucht.

La vie moderne

Kun je wel in Frankrijk gaan zitten, de waarheid van het moderne leven ontvluchten kun je niet. Ook hier zijn de apparaten weerbarstig en de programma's ondoorgrondelijk. Neem nou een simpel internetabonnement op Wanadoo. Voor een kleine 100 francs 30 uur per maand surfen. Moet genoeg zijn. Is het ook, alleen...

Het begint met de installatieschijf met speciale eindejaaraanbieding: 'Wanadoo vous offre 100% de temps en plus' (waarbij de nulletjes van 100 op het hoesje dan kerstballen zijn. Voelt u 'm?). Die schijf verandert - zo blijkt achteraf - eenmaal geïnstalleerd - resoluut al mijn instellingen. Herconfigureert mijn internetverbindingen, zet een franstalige versie van Outlook Expres en Explorer op mijn hard disk en benoemt deze producten van Microsoft in één moeite door als de bij voorkeur te gebruiken mail- en browser-programma's.

Maar ik wil Netscape! En in het Nederlands! Of nou ja, Nederlands, het internationale webspeak-mengelmoesje waar wij Hollanders inmiddels aan gewend zijn. Waar een programma 'software' heet en niet 'logiciel'. Waar 'folders' nog geen 'fichiers' zijn, en waar 'courrier' een lettertype is, en niet het Franse woord voor 'mail'.

Kortom, alles er weer afgelazerd, Netscape herbenoemd als mail-programma én browser, en geprobeerd rechtstreeks in te bellen om een abonnement te krijgen. Lukt dat? Nee, natuurlijk niet. Het nummer dat de cédérom (jawel) automatisch draait (zonder het overigens prijs te geven), is in gesprek! In gesprek. Wanadoo, van France Telecom, deelt honderdduizenden cédérommetjes uit die automatisch inbellen. En zorgt niet voor voldoende capaciteit op het gedraaide nummer!

En als je dan via een omweg (ik bel nog steeds bij Euronet in Maarssen in, ook geen onverdeeld genoegen want zo traag als gemalen poppenstront) op de site van Wanadoo gaat zoeken, blijken de locale inbelnummers onvindbaar. Tenminste, ík kan ze niet vinden. Maar dat kan natuurlijk ook aan mij liggen.

En dan regent het ook nog.

Wachten op Numéris

Heerlijk, eindelijk on line. Hoewel, meestal half on en half off line want de verbinding is hier abominabel (nooit 'abominabel slecht' zeggen). Om de haverklap laat Wanadoo mij zakken, bij voorkeur midden in een e-mail download-sessie. Mijn e-mail server wordt hier heel zenuwachtig van en weigert vervolgens elke nieuwe toegang. 'Ze serveur est bizzy'.

Weet je, ik denk dat het de wet van de remmende voorsprong is. In Frankrijk hebben ze al ruim 20 jaar Minitel, een soort nationaal internet, waarop je kunt inloggen met een beeldschermtelefoon. Je krijgt dan vooral hoekige lettertjes te zien, maar het is toch razend populair (geweest) hier. Met name de contactadvertenties deden het heel goed, schijnt. Maar ja, aan Minitel verdiende France Telecom veel meer dan aan Internet, schijnt, dus waarom zouden ze zich haasten met het leggen van een goede infrastructuur? Blijf toch lekker Minitellen, mensen! Ging toch goed? Nou dan!

De magere verbinding komt misschien ook doordat we hier een aardig eindje van de bewoonde wereld zitten. Vanuit de grote stad (Louhans) rijd je in zo'n 20 minuten naar ons huis en al die tijd zie je de telefoonlijnen langs de weg met je meereizen. Bovenop betonnen paaltjes, blootgesteld aan de elementen. Gevolg: als er een mus op de lijn landt, komt jouw PDF'je gescrambled bij mij aan. Of Wanadoo krijgt niet voldoende feedback en hangt gewoon op. Gebeurt ook.

Ik weet het dan ook zeker. Kan niet schelen wie ik er voor moet omkopen, maar in april komt er een ISDN (Numéris, zeggen de Fransen) hier in La Chapelle-Thècle. Al was het maar omdat ik nu krek.nl alleen maar met tekst kan updaten. Want plaatjes... daarvoor heb ik echt te weinig bandbreedte.

Nog iets positiefs te melden?

Kijk, dát is pas cool. Vandaag kreeg ik een rekening van France Telecom en wat blijkt? Ik heet hier M. Grégor Hakkenberg Van Gaasbeek. Krijg ik zomaar een accent aigu, gratis er bij! Bovendien is 'Van' voortaan met een hoofdletter. Dat je het even weet.

Want zo werkt dat. Als je eenmaal ergens in een computer op een bepaalde manier geregistreerd staat, dan helpt er geen lieve moedertje meer aan. Dan bén jij dat gewoon. Niet dat ik het erg vind, dat accent. Geeft toch een bepaald cachet. Proef het maar eens op je tong als een volle, houtige Bourgogne met rijpe, kattepisachtige ondertonen:

Grégore Akkenberge Van Gaasbecke. Zoals u veite getrouwd met de veiledele Iromi Nakaï en mette de toué nacomelinge Colette ét Guido. Wàt, vin jiai datte pompeuze? Vaile facke iou, aise eaule!

Ho, ho, even terug op aarde. Niet te veel flauwe woordgrapjes met de Franse taal op deze site, heb ik mezelf beloofd. Dat is één keer leuk. En misschien nog een keer. Maar dan is het ook mooi geweest.

Wel heb ik nóg een aardige ervaring te delen. Vanmiddag ging ik twee handsets ophalen bij de lokale Primafoon (heet natuurlijk niet zo, maar dat je weet wat ik bedoel). Vijf voor zes, sluitingstijd, en ik had niks bij me. Maar die twee handsets waren nabestellingen en onderdeel van een speciale aanbieding, met 20% korting. Nou wist ik niet meer of ik ze nou wel of niet betaald had. Ging voor het gemak maar even uit van wel. Maar niks zeker en helaas, geen rekening of ander bewijs bij de hand.

In Nederland, geef toe, was ik resoluut de deur gewezen. Helaas meneer, niks aan te doen, neemt u volgende keer het bonnetje wel even mee? Maar hier? De dame achter het loket ging op zoek. Vond twee handsets en kwam terug met een map vol rekeningen. Zeker 100. Vervolgens ging ze door al die rekeningen zitten spitten om de mijne te vinden. Duurde zeker tien minuten, de winkel was al lang gesloten en ik had zelfs al aangeboden om eens terug te komen met het bonnetje. Maar nee, kwam niks van in, dit moest en zou tot de bodem uitgezocht worden.

En jawel hoor, daar was-ie. De bon. En nee, ik had de handset nog niet betaald . Oh jee, de rest wel. Hoe moest nu die speciale aanbieding verrekend worden in de computer? Inmiddels bogen zich twee grijze dames over de monitor en mijn probleem. Nee, het kan niet. En als we nu eens zo... Een glimlach, nee, een honderdprocentlijke glunder breekt door op hun gezichten. Ze zijn verbaasd! Oprecht, blij verrast. Het kán bij France Telecom. Hun werkgever heeft in de computer rekening gehouden met deze situatie. Ik hoef alleen nog maar even het bedrag min de korting bij te betalen en iedereen kan opgelucht zijns weegs.

Nou zit je natuurlijk te wachten op de cynische afsluitng. Dat het tóch allemaal niks was en mij een poot werd uitgedraaid. Dat die handsets het niet deden of zo. Maar die cynische afsluiting heb ik niet. Het is echt een happy end. Is dat mooi of niet? Zoveel dienstbetoon, na sluitingstijd, zonder mij één moment het gevoel te geven van 'stomme buitenlander met zijn lastige vragen' . Ik ging blij naar buiten. Mét mijn twee handsets, een opgeruimd gevoel en een niet meer stuk te krijgen avond.

Bel +33 385 72 58 48 en hoor kraakhelder: 'Allo? C'est moi, Grégore.'

We weten het zeker! Toch?

Eén ding is zeker. We gaan naar Frankrijk. En het gaat allemaal helemaal lukken, zonder enig probleem. Hopen we. Want wat als het nou 's allemaal níet helemaal lukt? Of erger: helemaal niet?

Bij terugkomst van ons laatste bezoek aan Frettechise, begin januari, sloegen binnen een week de twijfels toe. Er was ook alle gelegenheid tot urenlang tobben, want verder had ik helemaal niks te doen. Gewoonlijk vind ik een weekje wat minder hard werken héérlijk. Lekker een beetje aan mijn site klooien, alle correspondentie op orde brengen. Eindelijk tijd om al die visitekaartjes eens netjes in het systeem in te voeren en het bureau op te ruimen. Zalig!

Maar een hele week geen of weinig werk, zo vlak na drie weken wintervakantie... dat is wel een beetje schrikken. En als klanten dan naar mijn oude vertrouwde adres in Huizen (NH) bellen met vragen als: "Heb jij een fax daar?" en "Zit je nog in Frankrijk of kun je iets voor ons doen?" dan breekt toch enigzins de pleuris uit. En wel in de vorm van angstzweet. We vertrekken pas eind maart en het werk droogt nú al op. Klanten denken kennelijk dat ik al in Frankrijk zit en dat ik 'dus' niks meer kan doen. Dat er niet eens een fax is! Hoe moet dat straks als we echt 900 km naar het Zuiden gaan zitten?

Uiteindelijk is het natuurlijk mijn eigen schuld. Communicatie is een vak. In al mijn mailtjes én in de gezellig voorkabbelende teksten op deze site ging het kennelijk te veel over 'vertrekken' en niet voldoende over 'blijven werken'. Kennelijk heb ik de indruk gekwekt (sic!) dat ik het werk hier wil ontvluchten. De hoofdboodschap: 'IK HEB JULLIE NOG STEEDS NODIG!' is ondergesneeuwd geraakt.

Dus zijn er nu twijfels. Moet ik nu alvast op zoek naar nieuwe klanten? Maar krijgen die dan niet dezelfde diffuse boodschap van een freelancer die nu nog hier maar toch al bijna en straks helemaal daar is? Moet ik opnieuw een mailtje naar ons vakblad Adformatie sturen in de hoop dat ze iets doen met het onderwerp mij als freelance trendsetter op het gebied van E-migratie? Op de vorige mail, gericht aan de hoofdredacteur, heb ik niks gehoord. Ben ik überhaupt wel een item? Of dacht die Van Os: "Gregor Hakkenberg... is dat iemand?"

Het is waar, ik ben inderdaad geen 'naam' in de reclame. Verdienstelijk en door de eigen klanten gewaardeerd schrijver van intelligente long copy. Heb af en toe een aardig concept bedacht. Maar nooit een Melk De Witte Motor, een Bedenk Goed Wat Je Met Je Laatste Rolo Doet of een Even Apeldoorn Bellen gescoord. Maar al met al kennelijk niet voldoende 'zichtbaar werk' gemaakt om 'iemand' te zijn in het kleine groepje namen van reclame(neder)land. Zal ik dan al mijn klanten maar weer eens een mailtje sturen dat ik er nog steeds ben en dat ik ook niet van plan ben te verdwijnen? Kijken of de business dan een beetje aan wil trekken, volgende maand.

En in de tussentijd heb ik mooi even gelegenheid om een beetje aan mijn site te klooien en alle correspondentie op orde te brengen. Eindelijk tijd om al die visitekaartjes eens netjes in het systeem in te voeren en het bureau op te ruimen. Zalig! Zeker weten. Toch?

Wat kost een verhuizing?

Een jaar of vijf geleden zijn wij vanuit Amsterdam Slotervaart naar de gemeente Huizen verhuisd (let op: vals kofschip!). Indertijd heb ik uit de Gouden Gids een sympathiek ogende advertentie gekozen. Er stond een foto bij van een laadbak vol vriendelijk lachende bonken van beoverallde kerels, waaronder minstens drie broers en een vader. Familiebedrijf, betrouwbare uitstraling. Die verhuizer heb ik indertijd zonder offerte ingeschakeld. Was iets van 2000,- dus dat viel mee. Bovendien bleken het erg nette kerels. Geen krasje gemaakt.

Uit een soort gevoel van trouw wordt deze zelfde verhuizer ook nu weer uitgenodigd om een offerte te komen maken. Een nog steeds even vriendelijke en voorkomende meneer komt onze boedel schouwen. Wat moet mee en wat blijft hier? Ik maak ter plekke een paar rigoreuze keuzes (iemand een leuk Frans art deco-achtig buffet met opstand kopen?) en ga zitten wachten op de offerte. Die komt en bedraagt fl 15.370,-.

WAAAAAAAT? 15.370 guldentjens, zou Zwiebertje zeggen. Sakkerloot. Dat móet goedkoper kunnen. Gelukkig heb ik inmiddels van de makelaar een ander adresje gekregen. Betrouwbaar bedrijf, "gespecialiseerd in nationale en internationale verhuizingen, met de grootste zorg verricht door onze deskundige medewerkers". Nou schrijf ik dat soort folders zelf, dus ik weet dat het louter woorden zijn. Desondanks laat ik me toch inpakken door het fraaie drukwerk met de professionele uitstraling. Een vriendelijke en voorkomende meneer komt langs en krijgt dezelfde rondleiding, van rommelige kelder tot aan de halflege zolder, waar enkele dozen van de concurrent al vijf jaar wachten op uitpakking. Wat moet mee en wat blijft hier? Ik herinner me de meeste keuzes, neem afscheid en ga zitten wachten. Twee dagen later... dát is prompt! De offerte van 13.506,50. Asjemenou, zou Loekie zeggen. Dat is weliswaar wat goedkoper, maar nog steeds een klauw geld. Wat nu?

Gelukkig heb ik een oom en tante die een paar jaar terug naar Spanje verhuisd zijn. Zij hebben nog een aardig adresje in Weesp. Dus bel ik Kuiper De Internationale Verhuizer. Of die wellicht een offerte...? Nou, dat is geen probleem. Een paar dagen later staat ene meneer Schouten op de stoep, een en al vriendelijkheid en voorkomendheid, die wel even door het huis geleid wil worden. Zet mijn vrouw intussen koffie. Dit moet mee, dat blijft hier (iemand interesse in een weldadig besneden Duits bureautje?) weet ik inmiddels zeer kordaat te melden. En voor je het weet zitten we weer aan de koffie. Ongevraagd vertelt meneer Schouten dat Kuiper De Internationale Verhuizer concurrerend kan werken omdat er elke week een vrachtwagencombinatie naar het zuiden rijdt. Vrachtjes kunnen gecombineerd worden, waardoor het per boedel goedkoper wordt. Ik zwijg. Laten we eerst die offerte maar eens afwachten. Die komt ook weer razend snel. En wat denk je? Fl 8.353,80! Bijna zevenduizend gulden goedkoper dan de eerste verhuizer. Dank, dank, dank, oom en tante in Spanje. Neem een Americanootje van me!

Ik was zo blij met dit resultaat dat ik Kuiper meteen gevraagd heb of hun 'deskundige medewerkers' onze boedel ook voor ons willen inpakken. Hebben wij tijd voor het bezoek van overzeese vrienden in de laatste week van maart en komen we nóg onder de tien rooien uit. Dus, wilt u ook verhuizen naar Frankrijk, denk dan aan Kuiper De Internationale Verhuizer. En als u nou zegt dat u via mij komt, krijg ik misschien nog commissie ook!

Belasting, sociale lasten en zo

Mijn Franse boekhouder had het me voorgerekend: bij een inkomen van 300.000 francs hoef ik maar 8,75% belasting te betalen. Ik was in de wolken, tot een vriend me uit de droom hielp. Een informatief bericht uit het Midden-Oosten.

Hoewel mijn werkzaamheden zich ‘virtueel’ vooral in Nederland afspelen, woon ik permanent in Frankrijk en moet ik dus hier belasting betalen.

Hoe kom ik uit op slechts 8,75% bij een inkomen van 300.000 francs? Ten eerste door me in te schrijven bij een ‘Association de Gestion Agrée’, in mijn geval de Association des Professions Liberales pour la Region de Lyon (APLRL). Als lid van zo’n club krijg ik direct 20% aftrek op mijn bruto belastbaar inkomen. Wel ben ik verplicht om op mijn briefpapier én op een bordje in mijn kantoor te vermelden dat ik lid ben en cheques accepteer. Kleine moeite, voor 20% korting. Daarnaast heb ik het geluk van een vrouw en twee kinderen. Sowieso al een aangenaam bezit, maar ook fiscaal gezien interessant. Mijn vrouw telt voor één extra gezinslid en de kinderen ieder voor een halfje, zodat ze samen mijn belastingvrije som twee volle schalen verder tillen. Dus je begrijpt dat ik in de wolken was. Een ton per jaar verdienen en maar 9.000 gulden belasting betalen!

Helaas, met een droog: “Heb je al aan de sociale lasten gedacht?” hielpt mijn vriend Olivier me uit de droom. Had ik niet. En omdat de Fransen niet gespaard hebben voor hun pensioen (daar moeten immers de kinderen straks voor zorgen), gaat het om aanzienlijke bedragen. Ik ben inmiddels verplicht ingeschreven bij drie ‘Caisses’. Zo is er de Union de Recouvrement des Cotisations de Securité Sociale et d’Allocations Familiales (URSSAF), die een bijdrage verwacht in de kosten voor de sociale zekerheid. En de weduwen- en wezenwet (Of zoiets. Ik weiger me in dit soort saaie stof te verdiepen, tenzij ik er voor betaald wordt om er een leesbare tekst over te maken). Daarnaast zijn er nog ‘caisses’ voor ziektekosten en pensioenverzekeringen, die ook een stukje van mijn inkomen wensen. Onder de streep houd ik minder over dan in Nederland, dus die 8,75% bleek een Edith Piaf: een dode mus.

Maar enfin, je ne regrette rien. Als alleen het inkomen telt, had ik beter in de Beethovenlaan in Huizen kunnen blijven wonen. Hier wordt het minder, zoals verwacht. De hoeveelheid opdrachten neemt iets af, mede als gevolg van de afstand. Ik kan immers niet ‘even langs komen’ voor een briefing of een brainstorm. Aan de andere kant blijven er voldoende trouwe en zelfs een paar nieuwe klanten (dank, dank) die mijn teksten belangrijker vinden dan mijn lijfelijke aanwezigheid. Bovendien beginnen de ‘projectontwikkelplannen’ met onroerend goed hier meer concrete vormen aan te nemen. Aannemer-vriend Olivier en ik zijn een SARL gestart, die inmiddels twee te renoveren fermes Bressanes in de verkoop heeft. Wellicht dat dat in de toekomst wat extra inkomsten oplevert.

Overigens kan ik eventuele kopers van onroerend goed in Frankrijk nog wel een aardige tip geven: altijd afdingen! De makelaar of notaris zal allicht zeggen dat dit in de onderhavige regio toevallig niet de gewoonte is, maar in de meeste gevallen krijg je er toch nog wel 10 of zelfs 20% af. En dat heb je toch mooi je kosten koper er uit. Overigens geldt deze afdingregel natuurlijk niet voor de boerderijtjes op mijn site www.bresse.nl. In de Bresse, en met name in La Chapelle-Thècle, is afdingen écht niet de gewoonte. Tenminste, de makelaar bij wie wij ons eigen huis kochten wist dit heel zeker.

Faits divers uit Zuid-Bourgogne

Ouderraadverkiezingen
Het viel nog niet mee om tijdens de ouderavond zes leden voor de ‘conseil des parents d’élèves’ bij elkaar te schrapen. Gelukkig bleek ook die rare Hollander te strikken. Een week later... een geheimzinnige envelop. Met een lijstje met zes namen (waaronder de mijne), twee enveloppen en een briefje. Het ging om de ouderraadverkiezingen. Of ik maar even wilde stemmen door het briefje in een envelop te doen en deze envelop geheel onbeschreven in de tweede envelop te steken met daarop mijn naam, adres en handtekening. Dit geheel moest ik dan inleveren op school. Ik begreep het niet. Er waren zes kandidaten voor zes plaatsen. Wat viel er te stemmen? Ik heb het hele stapeltje papier weggegooid. Op de zaterdag van de verkiezing moest ik op school komen. Ik dacht voor een vergadering. Maar ik bleek slechts aanwezig om als kandidaat/ouder te controleren of de verkiezingen wel eerlijk verliepen. De juf beaamde dat er inderdaad niks te stemmen viel. Maar ouderraadverkiezingen waren nu eenmaal verplicht. En wat bleek... van de 37 ouderparen van ons schooltje hebben er 34 gebruik gemaakt van hun recht de ouderraad te kiezen. En de ouderraad is gekozen.

Nieuwe valuta ontdekt!
Naast de francs en de euros bestaan zoals je weet ook ‘ancien Francs’ of ‘balles’, waarvan er honderd in een franc gaan. Daarnaast wordt hier veel gerekend in een vierde valuta, de ‘oblaque’. Deze munteenheid is - afhankelijk van de situatie - tussen de 1,2 en 2 francs waard. Een tuinman zal bijvoorbeeld zeggen : “C’est mille cinq cents euros... à peu près un million balles.” Als je ’m dan wat wazig aankijkt, vervolgt hij: “Dix mille francs, quoi.” En met een hoopvolle blik: “Ou huit mille oblaque.” Handig om te weten als je nog wat van deze gedefiscaliseerde muntsoort hebt liggen.

Les écologistes du plomb
Tijdens het in de stromende regen inladen van een kleine 10 mud open haard-hout schiet ineens een haasje weg. Het arme beest had kennelijk al een half uur vlak bij ons in zijn leger (gîte!) zitten bibberen. Ik kijk vriend Olivier vragend aan. “Spijt dat je je geweer niet bij je hebt?” Hij schudt zijn hoofd. “Een jong vrouwtje. Die moet je laten lopen. Te klein om te eten en ze levert bovendien weer een heel nest nieuwe haasjes op. Ja, Gregor, een jager is óók een soort ‘écologiste’.” En hij kijkt schuin opzij, wachtend op mijn commentaar.

Ik zeg niks. Deze discussie is al een paar keer gevoerd. Al die mannen die zondags met een geweer op de arm door bos en veld struinen, zijn natuurbeschermers. Zo’n 10 zondagen per jaar. De rest van de tijd begraven ze alle afval (inclusief asbest) in een kuil op hun land, spuiten ze hun gewassen vol gif en halen ze opschietende struikjes weg met een agressief ontbladeringsmiddel.

Ik merk die onevenwichtige moraal ook in mijn hobby als oudehuizen-koper-opknapper-verkoper (www.bresse.nl). Volgens een nieuwe wet moet de verkoper een onderzoeksbureau inhuren om het hele huis te laten controleren op loodhoudende verf, die indien aangetroffen officieel verwijderd dient te worden. Tegen ‘le saturnisme’, want een kind zou een schilfer verf van een kozijn kunnen knabbelen. Dus wordt elk oud huis gecontroleerd. Terwijl buiten de ‘écologistes’ de natuur ontdoen van gevaarlijke herten en hazen, daarbij de bodem verrijkend met duizenden kilo’s milieuvriendelijk lood.

Integreren door serveren
Ik ben uit Nederland vertrokken om minder stressvol te leven. Zo kwam ik door mijn emigratie op elegante wijze van het voorzitterschap van Volleybal Vereniging Huizen af. Maar trainen en spelen ga ik hier natuurlijk wél. En hoe! Waar ik in Nederland in de 3e klasse meedraaide, mag ik hier uitkomen in de ‘Promotion Excellence Masculin’! Me dunkt (om maar eens een basketbalterm te lenen) een hele promotie. En de Hollander in mij is ook blij, want goedkoop! Ik betaal 270 francs per jaar, krijg een gratis shirtje van de club, gratis vervoer per clubbus naar de wedstrijden, plus - gratis extra erbij! - een drankje toe. Dat kan allemaal omdat de gemeente de accommodatie betaalt. Dat heeft overigens ook zijn nadelen. Zelf spelen we in Louhans, in een mooie zaal. Maar laatst moesten we uit naar Saint Aubin, waar ze in een feestzaaltje over de dansvloer een mat uitrolden, met daarop een volleybalveld geschilderd. In de hoeken was het zó donker, dat je op de tast moest serveren. Maar we wonnen en we kregen lauw bier na, dus gezellig was het wél!

Verder lezen? Klik hier

Immogo.NL